Van 'Living Lab' tot natuurinclusieve landbouw

JAARLIJKSE NEFYTO-MEDEWERKERSDAG ZOOMT IN OP BIODIVERSITEIT

Behoud van biodiversiteit is een belangrijk maatschappelijk thema. Zo ook voor Nefyto en haar deelnemers. De recente jaarlijkse medewerkersdag van Nefyto, die begin oktober plaatsvond, was hier in zijn geheel aan gewijd. Die dag werd onder meer het 'Living Lab' van Universiteit Leiden bezocht en gaf het ministerie van LNV een presentatie over het natuurbeleid van de overheid. Centraal daarin stond de recent gepresenteerde Landbouwvisie van minister Schouten. Het onderdeel natuurinclusieve landbouw hierin staat in directe relatie tot biodiversiteit.

Biodiversiteit en gewasbescherming

In haar visie en ambitie ‘Duurzaam en helder naar de toekomst’ onderstreept Nefyto het belang van het behoud van biodiversiteit. Daarin staat dat Nefyto voorstander is van een duurzame land- en tuinbouw, die het milieu zo min mogelijk belast, die ruimte geeft aan de natuur en die daarmee de biodiversiteit bevordert.

In het kader van die visie en ambitie ondernemen Nefyto en haar deelnemers een groot aantal acties. Die hebben veelal als doel verantwoord en zorgvuldig gebruik, vermindering van de milieubelasting en bevordering van duurzaamheid. Dit ondersteunt ook het behoud van biodiversiteit. Enkele Nefyto-deelnemers nemen deel aan projecten rond bloemenranden langs akkers. Een bloemenrand vermindert emissie naar eventuele sloten en biedt voedsel aan bestuivende insecten.

Schoon oppervlaktewater is een belangrijke voorwaarde voor het behoud van biodiversiteit. Nefyto en haar deelnemers zijn nauw betrokken bij diverse


projecten rond schoon oppervlaktewater. Zo heeft Nefyto samen met stakeholders de Toolbox Emissiebeperking en de erfemissiescan ontwikkeld en onder de aandacht gebracht van telers. Verder is Nefyto één van de begeleidende partijen van ‘Schoon erf, schone sloot’, een project rond emissiebeperking in de bloembollenteelt. Deelnemende telers hebben hun erfafspoeling met bijna zeventig procent weten te verlagen.

Er zijn nog veel kennishiaten als het gaat om biodiversiteit. Een exacte kwantificering van de vermoede afname ontbreekt en specifieke oorzaken zijn niet aan te wijzen. Waarschijnlijk gaat het om een samenspel van meerdere factoren. Koepelorganisatie ECPA is gestart met een inventarisatie van de biodiversiteitsonderzoeken in de periode 2002-2015, om daarmee een beter beeld te krijgen van deze ontwikkelingen.

Universiteit Leiden

De tijdens de medewerkersdag bezochte Universiteit Leiden is in 1815 opgericht. De Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen heeft onder meer zes winnaars van een Nobelprijs opgeleverd. Bioscience is een belangrijke poot van deze universiteit, waarbij de focus ligt op ontwikkeling van geneesmiddelen en op de wetenschap van de leefomgeving. Een algemene inleiding over Universiteit Leiden en de Faculteit werd verzorgd door professor Geert de Snoo, decaan, hoogleraar Milieubiologie en voorzitter van het faculteitsbestuur van de Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen. Als hoogleraar heeft zijn onderzoek en onderwijs betrekking op biodiversiteit en duurzaamheid in landelijk gebied. In zijn presentatie benadrukte hij de internationale samenwerking met andere kennisinstituten en de gezamenlijke workshops met externe partijen. Tijdens het ochtendprogramma werd het Cell Observatory (zie foto) van Universiteit Leiden bezocht. Hier wordt onderzoek gedaan bij levende cellen, in het kader van farmacologisch onderzoek.

Het Living Lab: externe invloeden de vrije hand

Sinds 2017 beschikt Universiteit Leiden over een zogeheten Living Lab. Dit is een stelsel van 38 korte sloten in het buitengebied, die via een aangrenzende plas in rechtstreekse verbinding staan met de Oude Rijn. Het Living Lab is gefinancierd door middel van crowd funding.

"In een standaard laboratoriumsetting ban je externe invloeden en interacties zoveel mogelijk uit", zegt zegt Martina Vijver, hoogleraar ecotoxicologie. "Dat maakt het moeilijk om de resultaten ervan te extrapoleren naar wat er daadwerkelijk in het veld gebeurt. In een lab heb je goede condities en geen predatoren en andere interacties. Terwijl je juist graag wil weten wat er met het ecologisch systeem gebeurt als je die wel hebt. Wat zijn de interacties tussen soorten? Wat zijn de indirecte effecten van gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen? Zijn er cascade-effecten? En zo zijn er meer vragen die je alleen kunt beantwoorden als je die onderzoekt in een setting die de daadwerkelijke omstandigheden dicht benadert."

Er is wel een tussenstap tussen het gecontroleerde labonderzoek en de veldsituatie. Dat is de mesocosm studie. "Maar daarin wordt een 'zelfbedachte', niet-natuurlijke gemeenschap onderzocht. En dan nog zien we patronen die we vanuit de bestaande labstudies niet kunnen verklaren. Het Living Lab daarentegen biedt een setting waarin we die externe factoren en interacties juist wel de vrije hand geven. Zodat we in beeld krijgen wat er gebeurt met het ecologisch systeem in een Nederlandse sloot als er gewasbeschermingsmiddelen of meststoffen in terechtkomen. We hopen door het Living Lab betere inzichten te krijgen", aldus Martina Vijver.

38 slootjes, ruim 200 soorten

“Hier in het Living Lab laten we alles los. We doen bewust niets aan het beheersen van externe factoren”, zegt assistent-professor Maarten Schrama. “We willen dat onze proefsloten model staan voor het Nederlandse oppervlaktewater en het ecologisch systeem hierin. We hebben in deze 38 slootjes inmiddels 150 soorten gedetermineerd. Waarschijnlijk zijn het er meer dan 200.”

In het Living Lab worden proeven gedaan met gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen. Die worden zowel apart als gemengd toegediend, in verschillende doseringen. In een zestal sloten heeft PhD researcher Henrik Barmentlo dit jaar een proef gedaan met een insecticide, dat in drie verschillende doseringen is toegediend, in negen herhalingen verdeeld over het seizoen. “Je ziet dat na toediening de gemeenschap in de sloot verandert. Zo neemt bijvoorbeeld de algengroei toe. We zien ook dat de sloot die de hoogste dosering heeft gekregen, het moeilijkst herstelt.”

Het Living Lab staat open voor iedereen om er onderzoek te doen, zegt Maarten Schrama. “We geven bewust internationale ruchtbaarheid aan het Living Lab, in de hoop dat het navolging krijgt. Het is juist bedoeld om het door anderen te laten overnemen. Ook scholieren doen hier proeven.”


Het nieuwe natuur- en landbouwbeleid van de overheid

Tijdens het middagprogramma hield Bas Volkers, coördinator cluster Natuurcombinatie van het Ministerie van LNV, een presentatie over het landbouwbeleid van de overheid in relatie tot biodiversiteit. Daarbij zoomde hij vooral in op natuurinclusieve landbouw.

In haar natuurbeleid heeft de overheid nog niet zo lang geleden gekozen voor een andere koers, omdat het bestaande beleid minder resultaat opleverde dan gewenst en gedacht. Het oorspronkelijke natuurbeleid is gebaseerd op de scheidingsgedachte: een scherpe scheiding tussen natuur en bijvoorbeeld landbouw. In 2014 besloot men dat er meer nodig was om de natuurdoelen te bereiken. Het uitgangspunt werd: de natuur versterken door de samenleving. Daarbij wordt natuur als kapitaal gezien (en niet als kosten) en is er vertrouwen in burgers en bedrijven dat ze hierin hun verantwoordelijkheid nemen. Groen ondernemerschap moet de motor van de economie worden.

Deze beleidskeuze zien we terug in de recent gepresenteerde Landbouwvisie van minister Schouten. De twee pijlers hiervan zijn kringlooplandbouw en natuurinclusieve landbouw. Natuurinclusief betekent 'de natuur inbegrepen'. Er is bewust voor gekozen om geen exacte definitie te geven, om boeren de ruimte te geven hier zelf invulling aan te geven. Natuurinclusieve landbouw is een manier van denken waarin de natuur altijd wordt 'meegenomen'. Kernelementen zijn: zorgvuldig gebruik van grondstoffen, minimaliseren van emissies, optimaal gebruik van de natuur en natuurlijke processen in de bedrijfsvoering, het sluiten van kringlopen, en verbetering van de biodiversiteit in agrarische gebieden. Volgens het ministerie is er al beweging bij de betrokken partijen en is het nu zaak die beweging verder te stimuleren en te faciliteren.

Na afloop van de presentatie wisselden de aanwezige deelnemers van gedachten over de nieuwe landbouwvisie en dan met name het begrip natuurinclusieve landbouw. Een algemene conclusie was dat het niet eenvoudig is een antwoord te vinden op de vraag hoe biodiversiteit optimaal te beschermen op een landbouwperceel en tegelijk te streven naar een kwalitatief en kwantitatief goede oogst.



De jaarlijkse Nefyto-medewerkersdag

Al geruime tijd organiseert Nefyto een jaarlijkse medewerkersdag voor medewerkers voor de bij Nefyto aangesloten bedrijven. Deze dag geeft gelegenheid voor kennisoverdracht, uitwisseling van gedachten en voor netwerken. Ieder jaar worden enkele tientallen medewerkers hiervoor uitgenodigd, deels in een wisselende samenstelling, afhankelijk van het thema. Er is altijd aandacht voor de visie en ambitie van Nefyto en de praktische uitwerking daarvan.

De dag is steeds gewijd aan een actueel thema. Dit jaar was dat biodiversiteit en het wetenschappelijk onderzoek daarnaar. Thema's van voorgaande jaren waren onder meer de Europese politiek, drinkwater, de NVWA en gewasbescherming, de ontwikkelingen in spuitapparatuur, en de voorbereiding op de maatschappelijke dialoog over gewasbescherming geïnitieerd door Nefyto. Het was niet de eerste keer dat biodiversiteit het centrale thema was. In 2010 werd een project bezocht waarin akkerbouwers experimenteren met akkerranden.